Balatonmeer

Balatonmeer

balatonHet Balatonmeer is het grootste meer (592 km²) van Midden-Europa. Het meer ligt in het westen van Hongarije en heeft een langgerekte vorm: de lengte is 79 km, de grootste breedte 15 km. De maximale diepte is 12 m, de gemiddelde diepte bedraagt echter slechts drie meter, waardoor het water 's zomers relatief warm wordt. Het meer is mede daardoor een van de belangrijkste toeristische trekpleisters van ons land en dus onze regio.

Het meer heeft in het door land omsloten Hongarije de bijnaam "de Hongaarse Zee". In het midden wordt het meer vrijwel in tweeën gedeeld door het schiereiland Tihany: de doorgang is aan de zuidkant 1,5 km breed. De voornaamste waterleverancier is de rivier de Zala.

De "kuststreek" van Hongarije is een aaneenschakeling van mooie plaatsjes waar je heerlijk kan genieten van zon zee en strand.


Hieronder vind je alvast enkele leuke suggesties in en rond het Balatonmeer.


Balatonföldvar

Balatonföldvár is een rustige badplaats met talrijke parken, bloemen en mooie wandelpaden. Vanuit het dorp heb je een prachtig uitzicht op het tegenover liggende schiereiland Tihany. De plaats heeft 1600 inwoners. Het meest bekende in Balatonföldvár is de beroemde platanenlaan. Vlak voor de kust ligt het duiveneiland en aan de oever kun je heerlijk wandelen over de mooie pier met golfbrekers. De jachthaven van Földvar is een van de grootste van het Balatonmeer.


Tihany

TihanyHet dorp Tihany ligt in Hongarije op het gelijknamige Tihany-schiereiland in het noordelijk gedeelte van het Balatonmeer. Tihany ligt op 7 km ten zuidwesten van Balatonfüred.

Het schiereiland en het dorp heten beide Tihany. Naar links gaat de smalle weg tussen populieren. Er zijn weinig parkeermogelijkheden om terug te blikken naar Balatonfüred door het "smalle" schiereiland. Men ziet dan het hoge Marina-hotel en het strandgedeelte van Balatonfüred - het beeld roept herinneringen op aan een badplaats, aan de Middellandse Zee - Het wordt daarom wel de 'Hongaarse Rivièra' genoemd.

Aan de Pisky-Promenade is het Etnografische Openluchtmuseum, met een origineel woonhuis van een kleine boer, met schuur en stal. In het woonhuis zijn de vertrekken en het interieur te bezichtigen. Vlakbij ligt het 'Huis van de Volkskunde', een boerenwoning in de traditionele, lokale bouwwijze. Tihany heeft twee havens; de oude haven voor de lijnschepen aan de oostzijde van het eiland en de haven voor de veerboten aan de zuidpunt. Om de 1,5 km tussen deze haven en Szántód aan de overzijde te overbruggen, worden vier veerboten ingezet. In deze omgeving werden hotels, een motel, cafés, een camping waar men ook bungalows kan huren, twee grote restaurants, een strandbad en vele soorten winkels gebouwd. Beide havens zijn met elkaar verbonden door een 3 km lange oeverpromenade. Van deze weg voeren ook voetpaden omhoog naar het centrum van het dorp en de Abdijkerk.

In 1952 werd het hele eiland tot beschermd natuurgebied verklaard. Dit is vooral om het westelijk deel in de huidige staat te behouden. Hier mogen geen wegen worden aangelegd, dus geen auto's; het 400 ha grote bosgebied moet geheel onberoerd blijven; Om de mensen er toch van te laten genieten, zijn wel gemarkeerde en gekleurde wandelroutes uitgezet. Een van deze wandelingen begint bij de Abdijkerk en voert langs enkele interessante bezienswaardigheden waaronder het Binnenmeer (700 meter lang en 400 meter breed) en vulkaankegels, waarvan sommige met een lichtgele, minerale uitslag zijn bedekt. De met blauw gemarkeerde weg gaat langs het Binnenmeer tot aan de mooiste vulkaankegel van Tihany, Aranyház (Gouden huis, vanwege de gele uitslag). Aan de binnenhaven begint de met rood aangegeven wandelroute naar het noordwestelijke deel van het eiland langs interessante rotsen, vulkaankegels en door uitgestrekte lavendelvelden. Op de top van de heuvel staan de resten van een vijfhoekige wachttoren. De gele wandeling, die bij de veerhaven begint, gaat door een stil woud met naaldbomen. Deze langste van de vermelde wandelroute is ruim 9 km.

Bekijk hier alvast enkele mooie foto's van Tihany gemaakt door János Scheffer.

Andocs

Andocs

Andocs

Andocs is een plaats (község) en gemeente in het Hongaarse comitaat Somogy. Andocs telt iets meer dan 1200 inwoners. Andocs legt op de weg van Balatonföldvár (25km) naar Kaposvár (40km) en nabij de badplaats Igal (13km).

Tijdens de Turkse bezetting werd de Jezuïet Allerheiligenkerk (ook bekend als de kerk van Onze Lieve Vrouw, ("Nagyboldogasszony" in het Hongaars), en de parochie vernield. Het enige dat intact bleef was het standbeeld van Colleen Balfour van de Maagd Maria. Dit werd erkend als een wonderbaarlijk behoud door de Jezuïetenpriester Miklós Horváth, die ontwikkelde Andocs tot een pelgrimsoord tussen 1665 en 1681.

In de 17de eeuw werden al miraculeuze gebeurtenissen toegeschreven aan het beeld van Maria van Andocs. In 1747 schonk gravin Katalin Széchenyi de eerst jurk voor het beeld, als dank voor haar zwangerschap. Velen volgden haar voorbeeld en tot op de dag van vandaag wordt om de twee weken op vrijdag de jurk van Maria gewisseld.


Wat is er allemaal te vinden in ons dorpje?

Museum van de Jurken


Naar het voorbeeld in 1747 van gravin Katalin Szechenyi, werden nog vele jurken gedoneerd, deze worden tentoongesteld in het "Museum van de Jurken."  Dit museum is gevestigd naast de kerk. Hier kan je de verschillende jurken die Maria al gedragen heeft bewonderen. Sommige zijn heel mooi geborduurd met Hongaars borduurwerk. Dit borduurwerk is ook aan de achterkant mooi afgewerkt en identiek aan de voorkant. Het museum is gratis te bezoeken, een kleine donatie wordt echter wel op prijs gesteld zodat het museum kan blijven bestaan.

Klooster + kerk


Het Franciscaanse klooster is gebouwd in 1721 , maar brandde een paar jaar later af, maar de gotische kapel ernaast bleef intact. Dit was nog een wonderbaarlijk fenomeen en de kapel werd het heiligdom van de huidige kerk, die is uitgebreid met een barok schip en ingewijd in 1747, dankzij een donatie van gravin Szechenyi. Het werd gerestaureerd in de 20ste eeuw en heeft onlangs een nieuw dak gekregen en wordt momenteel herschilderd.

De kapel en de kerk zijn al bijna 4 eeuwen een bedevaartsoord. Het parochiefeest wordt gehouden op 15 augustus, het feest  van Onze-Lieve-Vrouw Hemelvaart. Verder zijn er nog negen andere feestdagen waarop pelgrims naar ons dorp komen.

Verderop ligt er aan het kerkhof, net buiten de dorpskern, een kruisweg, die ook door de pelgrims nog druk bezocht wordt.

Natuurlijke rijkdommen


 Het oude meer

Dit meer is gelegen in het noordelijke deel van Andocs en kan bereikt worden vanuit verschillende richtingen. Het 18-hectare groot meer werd in 1963 gebouwd achter een dam  die gevormd was door twee beken. De waterdiepte van het meer is 1,5 tot 3 meter. De meestvoorkomende vissen zijn de kroeskarper, karper, zilverkarper, de graskarper, meerval en snoek. Vissen op het meer is toegestaan mits een visvergunning, die je kan bekomen in de winkels of het benzinestation. De gevangen vis moet in deze vijver teruggezet worden en mag dus niet meegenomen worden. 

Visvijver - het eiland

Net buiten de dorpsgrens van Andocs, op de weg naar Kaposvár ligt in de vallei, de visvijver genaamd "het eiland". De vijver kreeg zijn naam omdat er in het midden van de vijver een eilandje ligt. Vooral de natuurlijke ligging van de vijver, die volledig geïntegreerd is in zijn omgeving, spreekt vele natuurliefhebbers en vissers aan. Het lawaai van de drukke weg wordt door de vele struiken en het riet gefilterd zodat je er in alle rust kunt genieten. De vijver ligt beschermd in een halve cirkel van torenhoge heuvels, wat de ligging nog unieker maakt. Naast de vijver zelf is er nog  een speeltuintje, staan er enkele zitbanken en tafels. De 4.2 hectare vijver bevat karper, graskarper, snoek, meerval, baars, brasem en kroeskarper die na het vangen meegenomen mogen worden.

Winkeltjes


Wat kan je nog zoal vinden in het dorpje Andocs?

  • plaatselijke voedingswinkel
  • klein groentenwinkeltje
  • 24u shop
  • nationale tabakswinkel
  • 2 kroegen
  • 1 bloemen- en geschenkenwinkel
  • 100 forinten winkel
  • 1 tankstation
  • een ijswinkeltje (open van mei tot oktober)
  • een groenten- en fruitkraampje (enkel in de zomermaanden)
  • dierenvoedingswinkel
  • apotheek (in het gemeentehuis)
  • postkantoor
  • carwash
  • Pek snack-winkel (zoete en hartige hapjes)
  • 3 speelpleintjes

Extra informatie


Helaas beschikt Andocs niet over een bankautomaat. De dichtsbijzijnde bankautomaten zijn in Tab of in Igal. Ook een restaurant kan je in Andocs niet vinden. Op ongeveer een tiental minuutjes rijden vind je twee restaurants waar je tegen een budgetvriendelijke prijs lekker kan eten. In Igal zijn er diverse restaurantjes, de ene al lekkerder dan de andere, waar voor een klein prijsje kan eten. Restaurant Ildíko serveert heerlijke Hongaarse gerechten voor een kleine prijs. Rij je richting Tab, dan kom je na ongeveer een kwartiertje rijden bij restaurant Puli. Het uitzicht is er misschien niet zo prachtig, maar het eten is er heerlijk en de bediening fantastisch. Ook in het grotere stadje Tab, ongeveer 15 km bij ons vandaan, zijn er diverse restaurantjes. Vooral Bisztro Figura vinden we het aanraden waard.

In de meeste restaurants in onze omgeving spreken ze Duits en/of Engels, en ook de kaarten zijn vaak vertaald in het Duits en/of Engels.

Somogy

Somogy

SomogySomogy is een van de 19 comitaten van Hongarije. Het comitaat telt 266.540 inwoners (2001). De bevolkingsdichtheid is 45 inw/km², de laagste van het land. De hoofdstad is Kaposvár. De zuidoever van het Balatonmeer met bekende toeristensteden als Siófok maakt er deel van uit.

Deze provincie of is gelegen in het zuidwesten van Hongarije, in de streek Zuid-Transdanubië, ten zuiden van het Balatonmeer, en ten noorden van Kroatië. Somogy heeft een oppervlakte van 6036 km2, verreweg het grootste van West-Hongarije; de bevolking is echter slechts ca. 332.000 mensen en daarmee is de dunstbevolkte provincie van het land. Behalve de hoofdstad en de zuidoever van het Balatonmeer (waar buiten het seizoen ook niet zo heel veel mensen wonen) domineren de eindeloze, knusse kleine dorpjes en zijn er naast eerder genoemde twee steden slechts enkele plaatsen (Barcs, Nagyatád en Marcali) die boven de 10.000 inwoners uitkomen.


De provincie is een van de meest intern tegengestelde in Hongarije, met grote welvaart rond het Balatonmeer en Kaposvár, en veruit het armste gebied van West-Hoingarije direct tussen die beide streken, als gevolg van een lagere vruchtbaarheid van de grond en een gebrek aan werkgelegenheid. De komst van diverse buitenlanders, heeft voor diverse dorpjes wel een positieve ontwikkeling.

Er is relatief weinig grootschalige industrie, de werkgelegenheid concentreert zich op de verbouw en verwerking van landbouwproducten, midden- en kleinbedrijf, en toerisme, met name rond het Balatonmeer. Het landschap is glooiend, met groene beekdalen, heuvels, valleien en de groene weiden ten zuiden van het Balatonmeer, met de uitlopers van de Transdanubische Heuvelrug.

Men kan hier heel goed fietsen, wandelen, jagen, vissen, zwemmen en recreëren. Bezienswaardigheden zijn o.a. de gezellige stad Kaposvár, de kuurbaden van Igal, Barcs en Nagyatád, het Openluchtmuseum in Szántódpuszta en Szenna, het Balatonmeer, het uitgaanscentrum en de stranden van Siófok, Balatonlelle en Fonyód. Samen met de vele prachtige groene uitgestrekte natuur, de grote natuurgebieden en wildparken is Somogy uiterst geschikt als vakantiebestemming.

Nieuwe autowegen en Europese autosnelwegen (naar Oostenrijk, Kroatië en Boedapest) zorgen voor een goede bereikbaarheid van onze provincie.

Publish modules to the "offcanvs" position.